Hoezee hoezee! De Bacillen gaan allemaal mee!
Ik hoest dan meer tevoren m’n longen uit m’n lijf. Mijn hoofd zit vol met snot en alsof het niet erger kan word ik snachts wakker met het gevoel alsof er 2 opgeblazen ballonnen in m’n ogen en voorhoofd zitten en, als klap op de vuurpijl, een oor dat jengelt van de pijn. Great, met het oog op een vlucht naar Sicilie,over zo’n 3 dagen, is vooral dat laatste waarvan ik wakker lig. Uiteindelijk rollen de tranen over m’n wangen, misschien nog niet eens zo zeer van de pijn danwel omdat ik grote waarde hecht aan het altijd-tekorte-slaapje wat ik ’snachts pak. (Ik huil ook stiekem in stilte iedere ochtend bij het gekraai van Niels’ iPhone dat de nachtrust alweer voorbij is) Maandag zit ik dan ook als een volledige lijk (niet zoals normaal maar semi-lijk) achter de computer op kantoor en pers er met moeite 2 nieuwsbrieven uit en met gemak 17 volole zakdoeken. Hoezee, Hoezee, het leven valt niet mee.